Objectgeoriënteerd

Objectgeoriënteerd, vaak afgekort tot OO als afkorting voor het Engelse Object-oriented, is een paradigma dat gebruikt wordt bij het objectgeoriënteerd programmeren en de objectgeoriënteerde opslag van data. Bij deze benadering wordt een systeem opgebouwd uit objecten.

Eenvoudig gezegd bestaat een object uit bepaalde gegevens en de programmatuur die gebruikt wordt om die gegevens te verwerken. Bij voorkeur zijn die gegevens uitsluitend te benaderen via de bijbehorende programmatuur. Een bestand kan bijvoorbeeld als object worden gedefinieerd, waarbij de gebruiker van het object slechts lees- en schrijfopdrachten kan geven, en interne gegevens zoals de manier waarop / hoe, aan het zicht worden onttrokken. Kenmerkend voor objecten is ook dat zij in een hiërarchisch verband tot elkaar kunnen staan: zo is een invoerbestand een soort bestand.

Objectgeoriënteerd programmeren biedt niet de mogelijkheid om een nieuw soort toepassingen te implementeren. Het dient uitsluitend om programma’s beter te structureren, met het oog op de overzichtelijkheid, herbruikbaarheid van componenten, e.d. In dat opzicht is het een logische volgende stap na de opkomst van „go-to-less”-programmeren en modulair programmeren enkele decennia eerder.